Wmo-raad Oost Gelre heeft zich echt op de kaart gezet
Afscheid van 4 Wmo-raadsleden Oost Gelre

GemNws

Wat is voor jullie de reden geweest om in de Wmo-raad zitting te nemen?Aloys Hulshof: “In mijn werkzame leven heb ik altijd in de ‘harde sector’ gewerkt: financiën, grondzaken, milieu. Nu vond ik het tijd om eens aan de andere kant van de tafel te gaan zitten, aan de zachte kant. Ik wilde graag iets voor mensen betekenen.”Wilfried Klein Avink: “Ik zat tussen 1982 en 2007 al in de zogenaamde voorlopers van de Wmo-raad. Dat waren de Welzijnsraad en het gehandicaptenplatform. Dus de Wmo-raad was een heel logisch vervolg. Ik heb zelf een lichamelijke beperking, dus ik weet goed tegen welke problemen mensen met een beperking aanlopen. Daarom ben ik namens BOOG in de Wmo-raad terecht gekomen.”Boukhiyar Taouil zit namens de nieuwe Nederlanders in de Wmo-raad. “In de Wmo-raad kan ik iets betekenen voor mensen. De groep ‘nieuwe Nederlanders’ is een moeilijk bereikbare groep, omdat ze niet ‘georganiseerd’ zijn. Binnen Oost Gelre zijn er zo’n 200 ‘nieuwe Nederlanders’ van ongeveer 20 verschillende nationaliteiten. Dat zijn veel kleine eilandjes, die lastig te bereiken zijn. Het feit dat ik in het bestuur van de moskee zit, is een pluspunt. Daar ontmoet ik veel ‘nieuwe Nederlanders’.Gedrieën benadrukken ze nog: “De Wmo-leden zitten allemaal namens een bepaalde doelgroep in de Wmo-raad. Maar in de praktijk beperken we ons niet tot alleen deze doelgroep. We maken ons hard voor alle doelgroepen. Het algemeen belang staat voorop.”Kun je aangeven wat volgens jullie de meerwaarde is van de Wmo-raad? Aloys Hulshof: “Het is mooi te zien dat we in de loop van de jaren een volwaardig gesprekspartner zijn geworden van het gemeentebestuur. In het begin hielden we ons vooral bezig met het opstellen van het Wmo-beleidsplan. Maar het takenpakket is niet alleen breder geworden, maar zeker ook verzwaard. Tegenwoordig adviseren we ook over zaken als veiligheid en toegankelijkheid van openbare ruimten, wegen, gebouwen, brandveiligheid, rijroutes, invalidenparkeerplaatsen, etc. Als we het nodig vinden, brengen we op eigen initiatief nieuwe onderwerpen op tafel.”Boukhiyar Taouil: “Mensen komen nu naar ons toe met vragen en opmerkingen. Dat was in het begin wel anders. De Wmo-raad was nog onbekend. Maar de laatste jaren hebben we veel aan bekendheid gewonnen. Dat komt ook door de artikelen op de gemeentepagina’s in de Elna en de Groenlose Gids. Daar staan ook foto’s van de Wmo-leden bij. Daardoor heeft de Wmo-raad een gezicht gekregen. En komen mensen naar ons toe. Inwoners weten ook de publieke tribune tijdens onze vergaderingen te vinden.”Wilfried Klein Avink: “De Wmo-raad heeft geen politieke agenda, maar richt zich met name op de inhoud. Wat zijn de gevolgen voor de mensen? Dát is het uitgangspunt voor ons advies. Een advies dat niet is ingekleurd door politieke voorkeur. De rol van de Wmo-raad stáát!”Wat is je het meest bijgebleven de afgelopen 8 jaar?Boukhiyar Taouil: “Misschien gek, maar dat is mijn installatie als Wmo-raadslid. Ik vond dat een heel bijzondere ervaring. En dit jaar is burgemeester Annette Bronsvoort op bezoek geweest. Dat vonden we erg leuk. Maar ook de sfeer binnen de Wmo-raad zal me zeker bijblijven. Die is open en hartelijk. Onderling wordt goed en als het nodig is stevig gedebatteerd en gediscussieerd. We zeggen waar het op staat. Maar wel met respect voor een ieders mening. En na afloop van de vergadering kunnen we altijd weer goed samen door de deur; en dat is belangrijk!” Aloys Hulshof: “Ik vind dat de gemeente Oost Gelre zeker een sociaal gezicht heeft. Dat blijkt uit de houding en attitude van gemeentebestuur en ambtenaren. Ze hebben hart voor de zaak! Ook de diversiteit van onderwerpen zal me bijblijven. Dat varieert van kleine zaken, zoals de ‘trippelefficiëntie!’ van de rollator, tot het omvangrijke Wmo-beleidsplan met al zijn richtlijnen en voorwaarden.” Wilfried Klein Avink: “Ik denk dat ik voor iedereen spreek als ik zeg dat de Wmo-raad zich zeer gewaardeerd voelt. En dat geeft veel voldoening. Wat mij betreft is ons grootste succes dat de Wmo-raad écht op de kaart is gezet. En een volwaardige gesprekspartner van het gemeentebestuur is.” Heb je nog tips voor je je opvolger?Aloys Hulshof: “Wat ik m’n opvolger niet wil meegeven is hóe hij/zij het moet doen. Dat is aan mijn opvolger. Maar ik adviseer de voorzitter wel om niet te willen proberen álles te ontrafelen en te onderzoeken. En dat moet hij ook aan de leden van de Wmo-raad meegeven. Ze moeten een selectie maken uit het ongelooflijk grote aanbod aan (digitale) informatie in het sociale domein. Zowel landelijk, provinciaal en lokaal zijn er zeer vele instellingen en verenigingen op het gebied van de Wmo en de zorg. En er is zoveel informatie te vinden. Dat kun je onmogelijk allemaal doorworstelen. De Wmo-raad moet proberen de meest relevante info eruit te lichten.”Boukhiyar Taouil: “Ik wil mijn opvolger meegeven om op te komen voor de samenleving in het algemeen, maar in het bijzonder voor de nieuwe Nederlanders. Dat blijft een moeilijk bereikbare groep, waar zeker aandacht voor moet zijn.”Wilfried Klein Avink: “Ook in de toekomst moeten keuzes worden gemaakt tussen de harde en de sociale kant. Houd als Wmo-raadslid daarom ook de ‘harde’ kant in de gaten. Het kan niet zo zijn dat mensen met een beperking kunnen roepen dat ze overal automatisch recht op hebben. Er moet een goed evenwicht zijn tussen de harde en zachte kant. En het is belangrijk om mensen te blijven prikkelen. Ook mét een beperking kun je wat betekenen voor anderen. Dus niet alleen maar vragen. Door mee te blijven doen kweek je begrip.”Willen jullie afsluitend nog iets kwijt? Boukhiyar Taouil: “Wat ik graag nog wil zeggen is dat het goede functioneren van de Wmo-raad ook komt doordat we zo’n goede voorzitter hebben. Aloys brengt een duidelijke en goede structuur aan in de vergaderingen. Daarnaast ondersteunt de Wmo-beleidsmedewerker van de ge­meen­te ons ook zeer goed. En in bijna al onze vergaderingen schuift er wel een gastspreker aan, die een bepaald agendapunt toelicht. Mensen van de gemeente, brandweer, politie, voedselbank, etc. Dat ervaren we als zeer waardevol!”Aloys Hulshof: “Per 1 januari 2015 komen er nieuwe (zorg)taken naar gemeente. Dat kan niemand ontgaan zijn. Alles daarvoor staat nu in de steigers. Maar straks begint het pas echt. Het zal vast niet allemaal meteen goed gaan. Het is belangrijk om individuele knelpunten goed en snel op te lossen. Maar het feit dat de taken naar de gemeente komen, vind ik in beginsel goed. De gemeente staat veel dichter bij inwoners dan de Provincie of het Rijk. En de gemeente kan daardoor veel beter inspelen op individuele belangen. Straks bestaat 60% van de gemeentebegroting uit gelden voor het sociale domein. Het is een uitdaging om dat goed op te pakken. En in mijn ogen is Oost Gelre op de goede weg.”Wilfried Klein Avink: “Ik zie de veranderingen waarbij (jeugd)zorg naar de gemeente komt als brede kansen. In 2007, met invoering van de Wmo, kwamen er ook taken van het Rijk naar de gemeente. Nu met deze nieuwe (zorg)taken gebeurt weer hetzelfde. Voor problemen moet je oplossingen zoeken. Dat ben ik altijd al gewend geweest. Vanaf m’n vroege jeugd heb ik me vanwege m’n beperking al vaak moeten aanpassen. Maar als je wilt, lukt dat.”Eerste vergadering met nieuwe Wmo-raadsleden in februariVoor de vertrekkende Wmo-raadsleden zijn in de afgelopen maand nieuwe leden geworven. Er hebben verrassend veel goede kandidaten gereageerd. Begin 2015 worden drie nieuwe leden en een nieuwe voorzitter voorgedragen aan het college van B&W. In de vergadering van februari 2015 is er dan weer een voltallige Wmo-raad. De Wmo-raad Oost Gelre De Wmo-raad Oost Gelre is op 1 januari 2007 van start gegaan. Dat was toen de nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo) werd ingevoerd. De Wmo-raad is voor de gemeente de formele gesprekspartner op het gebied van wonen, welzijn en zorg. In de raad zitten 12 leden, die elk een bepaalde doelgroep vertegenwoordigen. Denk daarbij aan bijvoorbeeld ouderen, jeugd, nieuwe Nederlanders, vrijwilligers en mensen met een beperking.

Advertenties doorgeplaatst vanuit Contact Zutphen-Warnsveld